My first Iphone

Mijn zoon wil een telefoon. Een smart phone. Geen skere Nokia want dat is echt heel stom. Het moet zéker een iphone zijn. Na dagenlang getouwtrek ben ik het onderwerp zat: als 75% uit zijn klas een smartphone heeft, gaan we verder praten. Zo stuur ik hem het bos weer in.

Had ik al gezegd dat mijn zoon in groep 6 zit?

Ik heb het onderwerp lang voor me uitgeschoven. Ik vind het namelijk meer dan belachelijk dat mijn 10-jarige zoon een machine tot zijn beschikking heeft van hetzelfde prijs-en kwaliteitsniveau als ik en ik hoor mezelf geringschattend vragen: maar wie wil je dan bellen? En terwijl ik het zeg, denk ik aan het boek van Herman Konings, uit de serie Futures[1]. Hierin las ik over de digitale inboorlingen: de generatie die geboren is tussen 2000 en 2015. Deze kinderen weten niet anders dan dat een mobiele telefoon een onderdeel is van je leefomgeving, zeg maar gerust een onderdeel van je fysieke lijf-omgeving. Of, zoals Konings het zegt: voor deze eerste oorspronkelijke digitale generatie zijn bits & bytes onversneden zuurstof.

Want natuurlijk gebruikt mijn zoon de telefoon niet om te bellen.

Hij gaat er spelletjes op spelen, het weerbericht op zoeken, foto’s mee maken en youtube filmpjes van Kwebbelkop mee opzoeken. Het aantal mobiele zoekopdrachten bij Google is inmiddels de desktop ruimschoots voorbij[2]  en Google heeft een mobile first aanpak aangekondigd voor dit jaar.

The internet of things, de wereld waarin alle apparaten met internet zijn verbonden en dus allerlei data kunnen ophoesten, heeft inmiddels een doorontwikkeling gemaakt naar the internet of everything. Hierin staat de mens centraal tussen al deze data en deze heeft de sleutel voor het toevoegen van de juiste waarde in handen[3].

Zo kun je in het Quantified Self allerlei informatie over jezelf verzamelen en analyseren met behulp van wearables (je fitbit of I-Watch) en de bijbehorende apps.

iphone

Denk aan het aantal stappen dat je hebt gezet, hoe je hebt geslapen of de hoogte van je bloeddruk. De smartphone verbindt al deze informatie over de gebruiker – en ontsluit deze data elders.

Het percentage Nederlanders met een smartphone is inmiddels ruim 86% – jongeren zonder smartphone bestaan bijna niet meer. De 75% norm die ik mijn zoon meegaf is dus heel schappelijk. En wordt waarschijnlijk nog voor de start van groep 7 bereikt.

Annette de Graaf

[1] Futures, Wending, Herman Konings, uitgeverij Lannoo, 2015
[2] Mediaweb, 24 november 2016
[3] www.vtmgroep.nl

 

Beeldcredits: Fisher-price

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Close
Go top